Steenkool en cokes

Steenkool en cokes zijn fossiele brandstoffen. Er bestaan verschillende soorten steenkool: van de magere kolen (gasarm) die vooral voor huishoudelijke toepassingen worden gebruikt, tot variaties in vetkolen (gasrijk) die zeer geschikt waren voor industrieel gebruik. Cokes hebben als eigenschap dat ze geen fosfor of zwavel bevatten en zijn geschikt voor de productie van ijzer. 

De Waalse steenkolenbekkens waren in tegenstelling tot de Limburgse vrij ondiep, waardoor zonder al te veel technische problemen steenkool ontgonnen kon worden. In verschillende nijverheden werd steenkool als brandstof gebruikt; vanaf de 18de eeuw ziet men het ook terugkomen in onder meer stokerijen, steenbakkerijen en kalkovens. 

In vergelijking met de omringende mijnbekkens zijn de Kempense steenkolen pas laat ontdekt. In de nacht van 1 op 2 augustus 1901 werden op een diepte van 541 m de eerste steenkolenlagen in de Limbugse ondergrond, met name in As, aangeboord door André Dumont.  Kenmerkend voor de Kempische kolenlagen is o.m. dat ze (meer dan) 500 meter diep verborgen zitten. De eerste boringen van Urban en Putsage in Lanaken en van André Dumont in Elen voor de eeuwwisseling, mislukten dan ook. 

De eerste Limburgse mijn, in Winterslag, ging in 1917 in productie. Op dat ogenblik waren de meeste Waalse bekkens al over hun hoogtepunt heen, zeker wat betreft de ontginning van vette steenkool. Het aanboren van vette cokeskolen, waaraan een groeiend tekort was ontstaan in België, Luxemburg en Frankrijk, bracht een internationale kolenrush op gang in Limburg. Door het geringe aantal bewoners in deze streek moesten duizenden mijnwerkers uit andere streken aangetrokken worden.

Bibliografie

Wie weet iets?

Paul Boutsen - Expert
Xavier Huygen - Expert
Jean De Schutter - Collectie
Ina Metalidis - Expert
Het Vervolg - Organisatie

Wie heeft iets?

Wie kan iets?

Jean De Schutter - Collectie

Reactie toevoegen

In de kijker

Op zaterdag 17 maart 2018 organiseert ETWIE zijn zesde ontmoetingsdag. Deze dag, met als titel ‘TWIE goes international’, vindt plaats in het nieuwe Havenhuis in Antwerpen.

Op woensdag 28 maart vindt in het MIAT in Gent de studiedag plaats over gevaarlijk erfgoed. Gevaarlijke producten of installaties worden in de eerste plaats gelinkt aan technisch of wetenschappelijk erfgoed. Maar alle collecties kunnen venijnige kantjes hebben.

Nieuwsbrief