Stoom

Om dieper onder de grond steenkool op te graven, moest een oplossing worden gevonden om langdurig sijpelwater weg te kunnen pompen. De stoommachine die Thomas Newcomen (atmosferische machine) in 1712 uitvond, bood een eerste oplossing voor dit probleem. In een grote ketel werd stoom opgewekt, die een zuiger omhoog dreef. Om de zuiger naar beneden te bewegen werd de stoomtoevoer afgesloten en een beetje koud water toegevoegd. Hierdoor condenseert de stoom in de cilinder en ontstaat onderdruk. Samen met de atmosferische druk haalt de onderdruk de zuiger neerwaarts. Het aantal op en neer bewegingen per minuut van de zuiger waren beperkt doordat de kleppen telkens handmatig open en dicht moesten worden gedraaid.

Zo'n zestig jaar later verbeterde James Watt de uitvinding van Newcomen. Hij verlegde het condensatieproces van de cilinder naar een aparte condensor. Daarnaast werd de cilinder zowel met onder als bovendruk bewogen, wat een hoger rendement gaf. Via een krukas werd de pompende beweging omgezet in een roterende beweging. Via mechanische overbrenging kon die rotatie gebruikt worden om andere machines aan te drijven, maar ook om de kleppen die de toevoer en afvoer van stoom in de cilinder regelden te bewegen. Om ervoor te zorgen dat het toerental van de machine onder controle bleef, werd een regulator van Watt toegevoegd (werkt met middelpuntvliegende kracht).

Hiermee was de basis voor de moderne stoommachine gelegd. Verdere rendementsverhogingen werden wel nagestreefd, wat tot heel wat verschillende types stoommachine heeft geleid. Ook de steeds groter wordende nauwkeurigheid en afwerking van de machinebouwers speelde een belangrijke rol in de verbetering van de stoommachine. De pistons konden met steeds hogere snelheid bewegen en met een grotere energie-efficientie. De laaste belangrijke innovatie bij de stoommachines was de stoomturbine. Stoomturbines spelen vandaag nog steeds een uitermate belangrijke rol in onze dagelijkse energievoorziening, aangezien vrijwel alle energiecentrales elektriciteit opwekken met stoomturbines (uitgezonderd dan de waterkrachtcentrales en centrales met brandstofgeneratoren). Alleen de manier waarop de stoom opgewekt wordt kan verschillen (steenkool, gas of kernenergie).

In het begin van de 19de eeuw kwamen de eerste stoommachines voor in Henegouwen en Luik. Na 1830 kwam de stoommachine al voor in alle Vlaamse provincies. Op relatief korte termijn zou het de belangrijkste aandrijving in allerei productieprocessen worden, van textielspinnerijen en -weverijen tot houtzagerijen, schepen en stoomgemalen. Omdat voor de installatie van een stoommachine vergunningen nodig waren, zijn er vrij precieze cijfers bewaard over de aantallen.

De belangrijkste producenten van stoommachines in België waren Cockerill (Luik), Lamarche & Brain (Luik), Gauthier (Luik) en Gilain (Brabant). De belangrijkste producenten van stoomketels in Vlaanderen bevonden zich in Oost-Vlaanderen, al bouwden velen ervan ook stoommachines. Sommigen groeiden uit tot heuse machinebouwers, zoals Le Phoenix, Mahy, Forges et Chaudronneries Gantoises en Werkhuizen Van den Kerckhove.

Deze laatste wist bijvoorbeeld de licentie voor de Corliss-engine te bekomen van de gelijknamige Amerikaanse constructeur. Dit waren uitermate zuinige, veilige en duurzame stoommachines. In 1876 bouwde Van de Kerkchove voor de Gentse vlasspinnerij La Lys een Corliss-stoommachine van 2000 pk, toen de krachtigste machine ter wereld. Later zou Van de Kerckhove nog een stoommachine van 24950 pk leveren aan Allgemeine Elektrizitäts-Gesellschaf (AEG) in Duitsland. Kleinere bouwers waren bijvoorbeeld Onghena, Van Coppenolle Frères, Bollinckx, J. Moonens & L. Gaucet, etc. Een goed overzicht van de stoommachine-bouwers in Vlaanderen kan je raadplegen in hoofdstuk 4 van de publicatie 'In de Ban van Ceres, Klein- en Grootmaalderijen in Vlaanderen'.  

Bibliografie

Wie weet iets?

Wie heeft iets?

Wie kan iets?

Reactie toevoegen

In de kijker

Op dinsdag 16 oktober om 14u organiseert ETWIE een studiebezoek aan D'Ieteren Gallery in Brussel; een uitstekende gelegenheid om een bijzonder bedrijfsmuseum te ontdekken!
Ben je bereid je kennis over te dragen en ben je op zoek naar een leerling? Of ben je leergierig en zoek je een meester die je de kneepjes van een ambacht kan leren? Kijk dan zeker even naar volgend overzicht.
In het kader van het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed organiseren we in samenwerking met de Nederlandse Stichting Bedrijfsgeschiedenis op vrijdag 16 november een studiedag over bedrijfserfgoed.

Nieuwsbrief