Deelcollectie Morfologie (UGent) Collectie

Adres

Salisburylaan 133
9820 Merelbeke
+32 9 264 49 30

Het GUM - Gents Universiteitsmuseum kan voor haar vaste en tijdelijke tentoonstellingen putten uit een enorme verscheidenheid aan objecten. Ze vormen samen de  academisch erfgoedcollectie van het GUM en de UGent, de grootste van Vlaanderen, met meer dan 400.000 geregistreerde objecten.

Zes collecties werden al decennia beheerd en in een museale opstelling gepresenteerd. Een van deze is de deelcollectie Morfologie. 

De collectie morfologie is jonger dan de andere collecties van het GUM. Haar geschiedenis start in 1933, met de oprichting van de Gentse Veeartsenijschool. De collectie wordt nog actief gebruikt in het onderwijs aan de universiteit en blijft uitbreiden. De bekendste bewoner van deze collectie is het skelet van vinvis Leo.

In de loop van de voorbije 75 jaar werd aan de faculteit Diergeneeskunde een indrukwekkende verzameling morfologische museumpreparaten aangelegd. De collectie bestaat uit drie types preparaten, namelijk skeletten, afgietsels en plastinaten van de huisdieren (hond, kat, paard, rund,...) en enkele exotische diersoorten. Deze unieke collectie kwam tot stand als gevolg van wetenschappelijk onderzoek, onderwijs en maatschappelijke dienstverlening. De objecten worden door de studenten diergeneeskunde intensief gebruikt tijdens hun studie van de morfologie. Naast studenten en onderzoekers wordt het museum steeds meer bezocht door scholen, hobbyverenigingen, individuele museumbezoekers en kunstenaars. 

Met de afgietseltechniek worden driedimensionale replica’s gemaakt van lichaamsholten (vb: buikholte) en holle organen (vb: bloedvaten). Daartoe wordt een kunsthars onder vloeibare vorm (monomeer) ingespoten. Wanneer het hars uitgehard is (gepolymeriseerd) worden de omgevende weefsels opgelost met sterke corrosieven (kaliumhydroxide-oplossing). De plastinatietechniek is een recent ontwikkelde techniek om weefsels te conserveren. Hierbij wordt het water uit de weefsels vervangen door aceton, dat vervolgens zelf wordt vervangen door kunststof (silicone). Na het uitharden van de silicone is het preparaat droog, elastisch en permanent houdbaar. De techniek werd op punt gesteld door de anatoom Gunther Von Hagens in 1977, bekend van de reizende tentoonstelling Körperwelten.

(Foto: Geert Roels)

Reactie toevoegen

In de kijker

We hebben beslist om de 8e ETWIE-ontmoetingsdag, die gepland stond op zaterdag 9 mei, te verschuiven naar een latere datum.

Nieuwsbrief