Home / Sociaal-economische geschiedenis / Kinderarbeid

Kinderarbeid

Kinderen hielpen al altijd mee om voedsel te verzamelen, op het land te helpen of bij ambachtelijke taken zoals vlas spinnen. Veel gezinnen schakelden hun kinderen in om toch dat beetje meer te verdienen. In het midden van de 18e eeuw ontstaan er manufacturen, werkhuizen waar de productie gecentraliseerd wordt. Met de Industriële revolutie hebben vooral de Gentse textielfabrieken en de Waalse mijnen meer arbeidskrachten nodig en gaan ook vrouwen en kinderen aan de slag. Kinderen werken nu niet meer in gezinsverband maar als goedkope werkkrachten voor een ondernemer, vooral in de tabaksnijverheid, spinnerijen en papierfabrieken. Halverwege de 19e eeuw is kinderarbeid in België wijdverspreid in zowat alle sectoren. 

Eerst in Engeland was er sprake van regels omtrent het tewerkstellen van kinderen: leeftijd en werktijden werden vastgelegd. Ook in België worden dokters en overheden meer en meer ongerust over de gevolgen van fabriekswerk op het kind, de zorgwekkende gezondheidstoestand en de morele verloedering. Het onderwerp komt op de politieke agenda te staan in de tweede helft van de 19e eeuw. 

Maar de wet op kinderarbeid zorgt niet direct voor een omslag. Gezinnen blijven het geld nodig hebben en ondernemers hebben de goedkope en flexibele werkkrachten nodig. Meer wetten komen en net voor de Eerste Wereldoorlog is er de wet op de leerplicht in 1914. De oorlog strooide roet in het eten maar vanaf 1920 gaan steeds meer kinderen naar school tot hun 14e. Ouders schatten het belang van onderwijs hoger in en door de daling in armoede is het loon van kinderen niet langer meer broodnodig. Industrie wordt gecompliceerder dus de nood aan ongeschoolde makkelijke krachten wordt minder. De consumptiemaatschappij doet zijn intrede vanaf de jaren 1950.

Foto: MIAT

Bibliografie

Reactie toevoegen

In de kijker

Op vrijdag 16 november organiseert ETWIE in samenwerking met de Stichting Bedrijfsgeschiedenis en de Vereniging Bedrijf & Historie een studiedag over bedrijfserfgoed als cultureel erfgoed. Het programma staat online en inschrijven is vanaf nu mogelijk.

Nieuwsbrief