Home / De strijd om het Belgische steenkoolbeleid, 1901 - 1951

De strijd om het Belgische steenkoolbeleid, 1901 - 1951

TitelDe strijd om het Belgische steenkoolbeleid, 1901 - 1951
PublicatietypeThesis
Publicatiejaar2018
AuteursCOPPIETERS G
Academic DepartmentFaculteit Geschiedenis
UniversityVUB
StadBrussel
Samenvatting

Het proefschrift schetst het spanningsveld tussen markt en staat in de steenkoolsector tijdens de eerste helft van de 20ste eeuw. De sector is in deze periode één van de pijlers van de Belgische economie. De befaamde Kolenslag in 1945 vormt het vertrekpunt. Eerste minister Achille Van Acker legt op dat moment met zijn steen­kool­politiek de basis voor wat de geschiedenis is ingegaan als het economische mirakel.

Het onderzoek van Guy Coppieters weerlegt dit suc­ces­verhaal echter in belangrijke mate: mijnarbeid wordt in toenemende mate dwangarbeid. De brood­nodige structuur­her­vor­­mingen blijven uit. De sector vormt het strijdtoneel tegen het oprukkende com­munisme. Econo­misch gaat het de steenkoolsector evenmin voor de wind. Een on­machtige staat moet immers her­­haaldelijk redding brengen met massale financiële steun. Zo houdt de steenkool­sector de Belgische economie in een wurggreep. Om deze machts­positie te begrijpen, moeten we teruggaan tot het begin van de 20ste eeuw.

De ontdekking van de Limburgse steenkool in 1901 breekt met het 19de-eeuwse liberalisme. De centrale vraag aan wie de bodemrijkdommen toebehoren, maakt van de ontdekking een doos van Pandora, waarbij maatschappelijke krachten zoals regionalisme en socialisme op de voorgrond treden. Toch krijgt de staat niet de instrumenten om een doortastend steenkoolbeleid te voeren. Het patronale antwoord op het tegen zichzelf kerende liberalisme en de democratisering is zelfregulering en protectionisme. De mijn­pat­roons gaan zich almaar sterker organiseren om hun economisch onder­maatse prestaties te compenseren. In 1926 richten ze hiervoor het nationale orgaan Fedechar op. Tegen 1935 is de organisatie uitgegroeid tot een machtige “oorlogs­machine”, die tot 1950 de Belgische energie­markt en de economie beheerst. Het zijn dus niet zozeer de mijnwerkers, maar de mijnpatroons die zich het sterkst verenigen.

Guy Coppieters biedt nieuwe in­zichten over het moeilijke evenwicht tussen staat en economie, tussen algemeen en privébelang. België kan immers bogen op een lange traditie van een zwakke staat die verstoken blijft van de nodige instru­menten om een gericht energie- en industrieel beleid te voeren. De staat geniet weinig vertrouwen als economische actor. Is het niet Achille Van Acker die op 15 april 1945 in Luik de staat publiekelijk kapittelt als un mauvais industriel?

Verwante actoren
Peter Scholliers - Onderzoeker

Reactie toevoegen

Nieuwsbrief