Waarom ETWIE?

De jaren 1970-1980: ontstaan van industriële archeologie en industrieel erfgoed

De aandacht voor industriële archeologie in Vlaanderen ontstond rond 1970, geënt op de belangstelling voor de geschiedenis van techniek en architectuur. Allerlei wetenschappers en amateurs inventariseerden, onderzochten en koesterden stoomlocomotieven, watermolens en spintuigen. Na 1980 geraakte “archeologie” op de achtergrond ten voordele van “erfgoed”. De interesse verbreedde in de jaren 1990, toen de materiële cultuur van het dagelijks leven deel werd van de industriële archeologie en ook alledaagse gebruiksvoorwerpen tot de belangstellingssfeer gingen behoren.

En wetenschappelijk en ambachtelijk technisch erfgoed?

Deze dubbele verbreding (erfgoed en materiële cultuur) zadelde de industriële archeologie op met een probleem van definitie. Verwante velden, zoals wetenschappelijk erfgoed, bleven daarbij te veel in de marge en originele initiatieven, zoals ambachtelijke techniek, kregen minder aandacht. Niettemin floreerde de industriële archeologie in de jaren 1980 en ’90, wat blijkt uit vele boeken en tijdschriften, onderwijs in hogescholen en universiteiten, en nieuwe musea.

Geleidelijke inertie in de jaren 1990-2000

Tientallen enthousiaste vrijwilligers verzamelden objecten en archieven, startten een vereniging, zetten zich in voor de bewaring van een machine of gebouw, lanceerden een ledenblad of organiseerden industriële wandeltochten. Dit illustreert de rijkdom van de gevarieerde kennis en interesse. Gaandeweg en in toenemende mate bleken daarbij ook beperkingen te bestaan rond de praktijk van het bewaren, de juridische aspecten of de historische context. Het gevolg was dat de goede vertrekpositie van Vlaanderen uit de jaren 1970 en ‘80 stilaan plaats maakte voor inertie in de jaren 1990 en 2000.

Een nieuwe kans

Anno 2010 zat de interesse voor materieel en immaterieel wetenschappelijk, technisch en industrieel erfgoed in Vlaanderen niet in slechte, maar in complexe papieren. Welk terrein werd juist bestreken? Wie is bevoegd voor wat? Waar kan op efficiënte wijze informatie worden ingewonnen? Het is de verdienste van FARO, het Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed om, op vraag van drie gevestigde actoren uit de erfgoedsector (MIAT, MOT en SIWE), een hefboomgroep op te richten die in januari en maart 2010 samenkwam om na te denken over een nieuwe institutionele samenwerkingsvorm. Daarbij werd ingespeeld op de kansen die het Vlaamse Erfgoeddecreet van 2008 biedt en recent ook op de ministeriële visie rond het immaterieel erfgoed (december 2010). De hefboomgroep bracht vertegenwoordigers bijeen uit het zeer brede veld van technisch, wetenschappelijk en industrieel erfgoed (naast MOT, SIWE en MIAT, o.a. ook het Openluchtmuseum Bokrijk, Mijnmuseum Beringen, Watererfgoed, en wetenschappelijke collecties van UGent en K.U.Leuven). Het ging om een denktank van experts die ten persoonlijke titel zetelden en die ook gestalte gaven aan een generatiewissel. Deze hefboomgroep besliste medio 2010 om de vzw ETWIE op te richten (stichtingsvergadering 25 juni 2010).

Met jullie medewerking!

De vzw ETWIE staat klaar om vanaf 2012 een centrale rol op te nemen in een netwerk van zo veel mogelijk Vlaamse actoren die zich met aspecten van het technisch, wetenschappelijk en industrieel erfgoed in Vlaanderen bezig houden. Wij kijken er dus naar uit om met jullie te kunnen samenwerken.

In de kijker

Op donderdag 24 januari 2019 organiseren we in samenwerking met diverse partners in het Brandweermuseum in Aalst een ontmoetingsdag rond het brandweererfgoed in Vlaanderen. Meer informatie volgt nog, maar noteer alvast de datum in de agenda!

Nieuwsbrief